Stille week en Pasen – De Levende, voor ons uit

(nieuwsbrief april 2022)

Classispredikant Arie van der Maas

Ook dit jaar zal Pasen gevierd worden onder bijzondere omstandigheden. Werden de vorige twee jaren mede bepaald door dreiging en gevolgen van de corona – pandemie, je zou nu haast terugverlangen naar de relatieve overzichtelijkheid daarvan. De oorlog in Oekraïne, het ongebreidelde geweld en verderf, de stroom vluchtelingen, de dreiging en gevolgen die ervan uit gaan voor heel Europa en de rest van de wereld…

En dan vanaf komende Palmzondag: Stille week en Pasen. Wereldwijd en ook in Nederland in tal van vormen van kerk- zijn concentratie op de weg van de lijdende Christus die in geloof de Levende is die, ook vandaag, zijn weg gaat voor ons en voor ons uit.

Mijn concentratie op de betekenis van de lijdende en levende Christus voor mijn bestaan en het bestaan van wereld en kerk gaat zoals u weet dikwijls langs lijnen van liederen. Zo’n lied dat deze dagen dicht bij me is – en de komende week zal zijn – is Gezang 190 uit het Liedboek voor de Kerk 1973. Een haast mystiek lijdenslied waarin het lijden van Christus beklaagd en bezongen maar ook geprezen wordt. Een lied met woorden waarin naar mijn besef ook tal van ‘minste broeders en zusters’ van Christus in meeklinken. In hun lijden, in hun geteisterd en geschonden zijn, in hun schade en schande, hun schuld en tekort.

Jubel

Het lied is van Jan Luyken, Amsterdams dichter, schilder en etser uit de 17e eeuw. Ik wens u allen toe dat vanuit de ingetogen tonen van dit lijdenslied ook in uw gemeente en in uw persoonlijk leven de Jubel van Pasen doorbreken mag: dat het door alle dingen heen Christus is die de Levende is, en dat Hij als de Levende voor ons uit gaat.

Wie hangt er zo deerlijk, geteisterd, geschonden,
roos verwig, vol striemen en wonden,
tot smaadheid en schande aan ’t kruishout verheven?
Wat heeft Hij, wat heeft Hij misdreven?

Dat is er het slachtlam zo heilig geboren,
tot breking en lessing van toren.
Zijn misdaad is liefde, uitvloeien en geven,
dat kost Hem, dat kost Hem zijn leven.

Kost dat Hem zijn leven, die schoonste van allen,
hoe is Hij in ’t lijden vervallen?
Of is het uit liefde en heilige minne,
wat zal Hij daarmede dan winnen?

Wat anders als ’t leven der eeuwige zielen,
die droevig in zonden vervielen.
Opdat Hij die schulden verzoene en boete,
zo druipen zijn handen en voeten.

Ach Jezus, beminde, hoogwaarde en schone,
wie zal U, wie zal U belonen?
Uw weldaad die gaat ons vermogen te boven,
wij willen U prijzen en loven.

Ds Arie van der Maas
Classispredikant

 

Download hier de complete nieuwsbrief april 2022